Misdrijven tegen de openbare orde
Artikel 136
1. Hij die artikelen 92-110 kennis dragende van een voornemen tot het plegen van een der in deomschreven misdrijven artikel 243, eerste en tweede lid tot desertie in tijd van oorlog Titel VII van dit Boek tot militair verraad, tot moord, mensenroof of de in, omschreven misdrijven of tot een der inomschreven misdrijven dan wel een terroristisch misdrijf, op een tijdstip waarop het plegen van deze misdrijven nog kan worden voorkomen, opzettelijk nalaat daarvan tijdig voldoende kennis te geven, hetzij aan de ambtenaren van de justitie of politie, hetzij aan de bedreigde, wordt, indien het misdrijf is gevolgd, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie. (zie: artikelen 92-110, artikel 243, eerste en tweede lid, Titel VII van dit Boek)
2. Dezelfde straf is toepasselijk op hem die, kennis dragende van enig in het eerste lid vermeld reeds gepleegd misdrijf waardoor levensgevaar is ontstaan, op een tijdstip waarop de gevolgen nog kunnen worden afgewend, opzettelijk nalaat daarvan gelijke kennisgeving te doen.