Wetboek van Strafvordering
← Terug naar overzicht

Inbeslagneming door opsporingsambtenaren of bijzondere personen

Artikel 101

1. De officier van justitie geeft inbeslaggenomen pakketten, brieven, stukken en andere berichten, welke aan een postvervoerbedrijf als bedoeld in de of een geregistreerde ingevolge dan wel aan een andere instelling van vervoer waren toevertrouwd en welker inbeslagneming niet wordt gehandhaafd onverwijld aan de vervoerder ter verzending terug. (zie: Postwet 2009, artikel 2.1, vierde lid, van de Telecommunicatiewet) 2. Tot de kennisneming van de inhoud der overige zaken, voor zover deze gesloten zijn, gaat de officier van justitie niet over dan na daartoe door de rechter-commissaris te zijn gemachtigd. 3. De machtiging kan zowel mondeling als schriftelijk worden gevorderd en verleend. 4. Wordt de machtiging geweigerd, dan geeft de officier van justitie de inbeslaggenomen zaken onverwijld aan de vervoerder ter verzending terug.
QR Code