Beteekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Artikel 136
1. Onder maand wordt verstaan een tijd van dertig dagen, onder dag, behoudens voor de toepassing van de , een tijd van vierentwintig uren. (zie: Algemene termijnenwet)
2. Onder algemeen erkende feestdagen worden verstaan de in als zodanig genoemde en de bij of krachtens dat artikel daarmede gelijkgestelde dagen. (zie: artikel 3 van de Algemene termijnenwet)