Algemeen
Artikel 6
1. Onze Minister kan, met inachtneming van , ontheffing verlenen van een verbod als bedoeld in de , , of . Hij kan voorts een ontheffing verlengen, wijzigen, aanvullen of intrekken. (zie: artikel 8i, eerste lid, artikelen 2, 2a, eerste lid, 3)
2. Een ontheffing of een verlenging daarvan wordt verleend voor ten hoogste vijf jaren, met dien verstande dat een ontheffing van een verbod als bedoeld in , of , wordt verleend per geval en voor ten hoogste zes maanden. (zie: artikel 2, onder A, artikel 3, onder A)
3. Onze Minister stelt de aanvrager van een ontheffing of van een verlenging daarvan binnen drie maanden na ontvangst van de aanvraag in kennis van zijn beslissing.